Van mosterdgas naar chemotherapie

door | 1 oktober 2019 | Kankervrij | 0 Reacties

Wat weinigen weten, is dat we chemotherapie – tot nu toe de belangrijkste behandelmethode voor kanker – te danken hebben aan een ongeluk met mosterdgas.

Tot aan de Tweede Wereldoorlog waren chirurgie en bestraling de enige wapens tegen kanker. Er bestond geen enkel effectief geneesmiddel en de diagnose kanker betekende eigenlijk altijd een doodsvonnis. Het duidelijkst was dit bij kinderen die leukemie kregen en vaak al overleden binnen drie maanden na de diagnose.

Het was begin twintigste eeuw duidelijk geworden dat zelfs uitgebreide chirurgie in combinatie met – destijds vrij recent ontwikkelde – bestralingen slechts beperkt effectief was bij de behandeling van kanker. Ondertussen waren de geleerden op universiteiten en bij de uit de chemische industrie ontstane farmaceutische bedrijven naarstig op zoek naar middelen die kankercellen konden doden terwijl de normale cellen en daarmee de patiënten zouden blijven leven. Maar zonder enig succes. Middelen die giftig waren voor kankercellen bleken ook altijd even giftig voor de normale cellen.

Mosterdgas werd voor het eerst gebruikt in de eerste wereldoorlog

De Duitse chemische en farmaceutische industrieën hadden zich ondertussen op bevel van keizer Wilhelm II geworpen op de ontwikkeling van gifgassen. Die werden uiteindelijk op 12 juli 1917 in de vorm van mosterdgas voor het eerst gebruikt, tegen de Britse troepen nabij het Belgische Ieper. Duizenden Britse soldaten werden die dag vergiftigd en overleden aan de acute gevolgen. Ook op de langere termijn waren er gevolgen. De cellen in het beenmerg bleken bij overlevenden zodanig beschadigd dat er ernstige bloedarmoede en gebrek aan witte bloedcellen optrad, gevolgd door ernstige moeheid en een grote vatbaarheid voor infecties.

In 1919 verscheen hierover een medische publicatie met mogelijke toepassingen voor kanker van het beenmerg (leukemie). Deze bleef echter onopgemerkt tot bijna een kwarteeuw later, toen er een ernstig ongeluk plaatsvond dat krampachtig geheim werd gehouden voor het algemene publiek.

Een ongeluk met grote gevolgen

Hoewel de strijdende partijen gedurende de Tweede Wereldoorlog hebben afgezien van het gebruik van chemische wapens, waren deze wel ruim voorradig en klaar voor gebruik. Zo gebeurde het dat in 1943 de Duitse Luftwaffe een groep Amerikaanse schepen bombardeerde vlak voor de kust van Zuid-Italië. Hierbij ontplofte een van de schepen en kwam de lading van het schip vrij, namelijk 70.000 kilo mosterdgas. Niet alleen de bemanning van het schip, maar ook een deel van de bewoners van het naburige Italiaanse plaatsje Bari ervoeren de verschrikkelijke gevolgen. Binnen een paar maanden na de ontploffing waren meer dan duizend mensen overleden.

“Bij een bombardement op Amerikaanse schepen voor de kust van Zuid-Italië in 1943 kwam 70.000 kilo mosterdgas vrij.”

Om een volledig politiek debacle te voorkomen werden onmiddellijk alle overleden Amerikaanse zeelieden naar de VS teruggebracht en werden Amerikaanse medici naar Bari gestuurd om de gewonden te behandelen en autopsieën te verrichten op de overledenen. Er werd opnieuw waargenomen wat al in de genoemde publicatie uit 1919 was beschreven: mosterdgas doodt beenmergcellen, met ernstige bloedarmoede en gebrek aan witte bloedcellen tot gevolg. Maar ditmaal ging er bij een aantal medici wel een lampje branden en werden de effecten van mosterdgas op bloedkankercellen verder bestudeerd aan de Yale-universiteit in de VS.

Nadat intraveneus toegediend mosterdgas in de vorm van mosterdnitraat bij proefdieren de witte bloedcellen deed verdwijnen, werd dit voor het eerst toegepast bij een patiënt met een kwaadaardig lymfoom. En er was resultaat, en in eerste instantie zelfs spectaculair! De gezwollen lymfeklieren verkleinden en de patiënt kwam al snel in remissie. Helaas bleek ook dat het resultaat niet blijvend was. De kanker kwam niet alleen snel terug, maar ook nog eens in verhevigde mate.

Nieuwe richting in kankerbehandeling

Door het anti-kankereffect van nitraatmosterd besefte men dat er wellicht ook andere middelen gemaakt konden worden die dodelijker zijn voor kankercellen dan voor normale cellen. Niet lang daarna werden er inderdaad nieuwe moleculen ontdekt, zoals 6-mercaptopurine, amopterine, methotrexaat en vincristine, middelen die voor het eerst kinderen met leukemie althans tijdelijk in remissie konden brengen. Maar steeds kwam de leukemie vervolgens terug met resistente en nog kwaadaardigere kankercellen.

Uiteindelijk kwam men in de jaren zestig op het idee dat het combineren van verschillende middelen resistentie zou kunnen voorkomen. En inderdaad bleek dat een schot in de roos. Er kwamen geleidelijk aan meldingen over patienten met leukemie en de ziekte van Hodgkin, die na dergelijke combinatietherapieën genezen werden verklaard. Helaas waren er doorgaans ook vaak ernstige bijwerkingen, vooral bij organen en weefsels met snel delende cellen, waardoor naderhand onvruchtbaarheid en aanhoudende maagdarmklachten optraden en vanwege de schade aan het immuunsysteem later nieuwe vormen van kanker ontstonden.

In de daaropvolgende jaren heeft men chemotherapie steeds weer verder kunnen verbeteren door combinaties van nieuwe middelen, hogere doseringen en het bestrijden van de optredende bijwerkingen, bijvoorbeeld met krachtige middelen tegen misselijkheid en met beenmergtransplantaties.

Sinds de snelle toename van de kennis over de genetica van kankercellen worden er in toenemende mate nieuwe middelen ontwikkeld die specifiek tegen de zogenaamde genmutaties van kankercellen werken of die bepaalde onderdelen van ons eigen afweersysteem stimuleren. Soms zijn de resultaten daarvan ronduit spectaculair, zoals de genezing van de oud-president Jimmy Carter, die een naar de lever en hersenen uitgezaaid melanoom had.

Chemotherapie vormt de ruggengraat van behandeling tegen kanker

Toch zien we dat kankercellen zich ook aan die moderne middelen snel kunnen aanpassen en resistent worden, nog afgezien van de vaak door deze moderne meer gerichte medicijnen veroorzaakte ernstige en soms zelfs levensbedreigende bijwerkingen. Het is meer regel dan uitzondering dat de oncoloog dan op een gegeven moment toch moet teruggrijpen naar de aloude chemotherapie. Zoals het ernaar uitziet zal voor de naaste toekomst de klassieke chemotherapie de ruggengraat van de behandeling van kanker blijven en zal kanker helaas vaak nog een dodelijke ziekte zijn.

Wat leren we hiervan?

Succesvolle preventie is en blijft daarmee voorlopig nog de enige trefzekere methode om niet aan kanker te overlijden.

 

Onderwerpen van deze column

 

0 reacties

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Lees ook columns over de volgende onderwerpen

William Cortvriendt legt in Kankervrij uit wat kanker is en gaat op zoek naar de onderliggende oorzaken voor het ontstaan van deze ziekte. Het boek biedt belangrijke handvatten voor wat je zelf kunt doen ter preventie en hoe je zelf je kansen op het overleven van kanker aanmerkelijk kunt verbeteren.

29,95

William Cortvriendt stempel

William Cortvriendt

arts en auteur

William Cortvriendt (1956) heeft na het afronden van zijn artsenstudie bij verschillende medische organisaties directiefuncties vervuld. Ook werkte hij als consultant bij McKinsey & Company en werd een veelgevraagd adviseur.

Hij is tevens auteur van diverse bestsellers  over de relatie tussen leefstijl, gezondheid en ziekte. In 2015 schreef hij Hoe word je 100? over gezond oud worden dat in 2016 werd gevolgd door Hoe word je 100 het kookboek.  In Lichter (2017) behandelde hij overgewicht. 

In het nieuwe boek Kankervrij van William Cortvriendt wordt duidelijk uitgelegd wat kanker is, hoe het ontstaat, hoe we het in de meeste gevallen kunnen voorkomen, en wat we zelf kunnen bijdragen aan onze eigen strijd om kanker te overleven.

William is getrouwd en heeft drie volwassen kinderen. Hij woont en werkt in de Verenigde Staten, Spanje en Malta.